Online opsporing: zwart gat

Het Advocatenblad inventariseerde ‘het zwarte gat’ van de online opsporing. De vraag is vooral hoe vaak politie en justitie meekijken op sociale media als facebook en twitter, iets wat het ministerie keer op keer weigert te vertellen. Maar advocaten zelf hebben ook geen idee, aldus het artikel. ‘Je zou hopen dat advocaten dit soort informatie al wel zijn tegengekomen’, zegt Simone Halink van burgerrechtenbeweging Bits of Freedom. Het gaat immers om informatie die uiteindelijk in het strafdossier terechtkomt. Advocaat Van Ardenne vraagt zich af of deze informatie uberhaupt zichtbaar wordt. ‘Als de opsporing via een weg loopt die men om welke reden dan ook wil verhullen (bijvoorbeeld om de opsporingsmethode niet bloot te geven) heeft justitie nogal eens de neiging vergaarde informatie via een ambtsbericht of proces verbaal van de CIE in het strafdossier te laten belanden. Wat de herkomst is, is dan nauwelijks te achterhalen.’ Een bijkomend probleem is dat veel van die bedrijven in de VS zitten en hun servers in de VS hebben. Advocaat Christiaan Alberdingk Thijm vindt dat internetbedrijven zouden moeten laten checken in hoeverre zij verplicht zijn profielen van gebruikers aan opsporingsdiensten te overhandigen. Volgens hem zijn gewone email- of zoekgegevens veel interessanter. ‘De kans dat je via de telefoon gegevens uitwisselt is veel groter.’

Advertenties