Bewaarplicht telecommunicatiegegevens op losse schroeven?

In juridische kringen ging het vlak voor kerst vooral over een uitspraak van het Europese Hof van Justitie over de bewaarplicht voor telecomgegevens. Volgens het Hof kunnen overheden aan aanbieders van elektronische communicatiediensten geen algemene verplichting tot het bewaren van (verkeers)gegevens opleggen. Het Europees recht, stelt het Hof, verzet zich tegen ‘een algemene en ongedifferentieerde bewaring van verkeersgegevens en locatiegegevens’. Wat wel mag, is wetgeving waarbij preventief wordt voorzien ‘in gerichte bewaring van gegevens ter bestrijding van criminaliteit’. Oftewel: je mag pas gegevens van een persoon verzamelen als er een vorm van verdenking is tegen die persoon. En als er bewaard wordt, dan tot ‘het strikt noodzakelijke minimum in een democratische rechtstaat’. Het Hof verklaarde in 2014 de zogeheten dataretentierichtlijn uit 2006 ongeldig waarmee de Europese bewaarplicht voor providers feitelijk van tafel was. In Nederland bleef de bewaarplicht tot maart 2015 bestaan, het ministerie van Justitie deed september jl een nieuw voorstel. Dat voorstel zal nu mogelijk wéér herzien moeten worden, gelet op de uitspraak van het Hof.

Advertenties