Jongen dood na ‘choking challenge’ via sociale media

Het was een ongeluk. Bij de dood van Tim Reynders (16, uit Arkel), mei jl, werd in eerste instantie aan zelfdoding gedacht maar Tims telefoon gaf een andere verklaring. De tiener speelde de zogeheten choking challenge, een van de vele tientallen ‘uitdagingen’ die mensen op sociale media, vooral facebook, aangaan. Tim had zijn eigen dood gefilmd. En de badstof ceintuur om zijn nek was hooguit bedoeld om even bewusteloos te raken. Door het te filmen, kon Tim bewijzen dat hij die challenge durfde aan te gaan. Maar hij verstapte zich en bleef hangen in het trapgat. Hulpverleners kwamen te laat. Maar waar Tims school in eerste instantie voorzichtig wilde zijn en ‘in zo’n precaire situatie’ niet te veel informatie naar buiten wilde brengen, zoeken Tims ouders bewust wel de publiciteit om te waarschuwen voor de gevaren van al die challenges. Want daar zijn er (veel) meer van. Soms relatief onschuldig, zoals de ice bucket challenge. Maar soms regelrecht gevaarlijk. Zoals de cinnamon challenge waarbij tieners elkaar filmen als ze een lepel kaneel in één keer doorslikken – een jochie van 13 lag er eind 2015 vijf dagen van in coma. Of de blue whale challenge, een ‘spel’ waarbij deelnemers vijftig opdrachten krijgen; de vijftigste is om zelfmoord te plegen. Hoe dan ook, Tims ouders denken dat betere voorlichting nodig is. Vader Geert vindt het bijvoorbeeld maar vreemd dat veel hulpverleners er niks van lijken te weten. Of dat Facebook en YouTube wel filmpjes weren waarin bloot te zien is, maar filmpjes van allerlei gevaarlijke challenges gewoon laten staan. Bijzonder hoogleraar mediaopvoeding Peter Nikken (Erasmus Universiteit) pleit voor een ‘structureler beleid’ om kinderen te leren met deze media om te gaan. ‘Het internet staat vol met voorbeelden van rare gedragingen’. Nikken zegt dat er vaak alleen aandacht is voor de positieve effecten, maar te weinig voor de risico’s. Scholen doen hooguit ‘hapsnap’ aan voorlichting maar vrijwel nergens is het al een vast onderdeel in het curriculum. Mede daardoor zijn ouders, hulpverleners en leerkrachten vaak nog ‘handelingsverlegen’, zegt Nikken. ‘Zij hebben vaak maar weinig idee van wat zich in de onlinewereld van jongeren afspeelt’. Opvallend is dat anderen
juist terughoudend zijn. Zo stelt de stichting School en Veiligheid op haar website dat ‘dit onderwerp niet vraagt om een bespreking in de klas’ vanwege mogelijk kopieergedrag. Justine Pardoen (Bureau Jeugd & Media) adviseert ouders én docenten juist om er wel over te praten. ‘Zeggen dat je het nooit moet doen, kan juist averechts werken’. Belangrijk is om interesse en begrip te tonen voor de aantrekkingskracht van zulke experimenten ‘zodat een kind ruimte krijgt om hier zelf iets over te vertellen’. Ze verwijst naar Mentorlessen.nl waar lesmateriaal te vinden is voor docenten.

“Zuckerberg ziet Facebook als nieuw soort overheid”

Facebook wordt een nieuw soort overheid en gaat veiligheidstaken van de nationale overheid overnemen, schrijft VU-docent strafrecht en criminologie Marc Schuilenburg in een interessante Politiecolumn. Aanleiding is het verzoek van enkele techbedrijven om de NSA minder bevoegdheden te geven bij het verzamelen van informatie over burgers – zodat die bedrijven zelf minder data hoeven af te staan. Volgens Schuilenburg dient de politieke bemoeienis van Facebook een hoger doel. Marc Zuckerberg zelf schetste onlangs al de toekomst, genaamd ‘Building a Global Community’. Daarin is Facebook veel meer dan een website of netwerk of wat dan ook, namelijk een allesomvattend systeem dat rampen coördineert, vluchtelingenstromen aanpakt, de klimaatopwarming tegengaat, het politieke systeem reorganiseert, ziektes en criminaliteit sneller ontdekt en terroristische activiteiten opspoort. Het plan leest als een politiek programma, stelt Schuilenburg die voorspelt dat bedrijven als Facebook zich de komende tijd vaker gaan opstellen als politieke spelers die ‘de nieuwe wereldorde gaan vormen’. Die spelers besturen alleen geen land, maar een wereldwijde community. Met allerlei maatschappelijke veranderingen als gevolg.

Tien keer zoveel kans op ongeluk bij gebruik smartphone in auto

Appen in de auto levert een tien keer hogere kans op een ongeluk op, meldt het SWOV. Het gebruik van een smartphone in de auto moet daarom beter gehandhaafd worden, vindt SWOV-directeur Peter van der Knaap. ‘We zijn vaak de hele dag bezig met de smartphone, dus ook achter het stuur’. Zijn boodschap is simpel: niet aan je smartphone zitten achter het stuur. Aan de andere kant is de kans dat je wordt aangehouden als je in de auto je smartphone gebruikt, de afgelopen jaren teruggelopen. Dat wordt bevestigd door landelijk verkeersofficier Achilles Damen. ‘De politie heeft in de tweede helft van vorig jaar al meer controles uitgevoerd en dat beleid willen we doorzetten’. Volgens Damen is nog onduidelijk of de smartphone wel de grootste boosdoener is. ‘Veel ongelukken worden veroorzaakt door snelheid en alcohol’, respectievelijk 20% en 30%. Dit jaar wordt volgens hem onderzocht wat de bijdrage is van afleiding door onder andere de smartphone. ‘Die zal niet gering zijn’. Overigens stellen Van der Knaap en Damen dat techniek ook kan helpen om ongelukken te voorkomen. Zo experimenteren bedrijven al met apps die telefoon-signalen blokkeren totdat de auto stil staat. Veilig Verkeer Nederland waarschuwde in 2016 al voor de risico’s van appen achter het stuur.

Gemeente Amsterdam plukt illegale hotels voor recordbedrag

Een van de fenomenen waarbij de oude (fysieke) wereld genadeloos botst met de nieuwe (digitale) wereld, is Airbnb. Veel gemeenten worstelen met de verhuur van panden via zulke sites. Er zijn nieuwe vormen van overlast, verzekeringskwesties, ‘rolkofferterreur’ etcetera. In Amsterdam heeft de strengere controle op illegale verhuur de gemeente vorig jaar bijna twee miljoen euro opgeleverd. In 2016 werden 169 boetes uitgedeeld, 40% meer dan in 2015. Veel woningen bleken professioneel verhuurd te worden, vooral online. Controles leverden zo honderden verdachte adressen op. In totaal zijn in 2016 bijna 1250 huizen uit de vakantieverhuur gehaald. Het aantal meldingen bij de gemeente steeg in 2016 met 16% tot ruim 2600. Bij 55 meldingen ging het over prostitutie of mensenhandel. Gemeente en Airbnb hebben inmiddels afgesproken dat Airbnb verplicht is illegaal aanbod van de site te verwijderen.

“Webwinkel-revolutie start nu pas”

Een uitdaging in politieland zijn de gevolgen van de online-revolutie voor winkelcentra, binnensteden en andere openbare ruimten. Als we immers alles via internet bestellen, hoe vaak gaan we dan nog winkelen? Worden winkelcentra dan spookdorpen? Hoe dan ook, het ‘oppimpen’ van binnensteden is niet genoeg, voorspelt Wijnand Jongen, directeur van Thuiswinkel.org en medio jaren 90 een van de eerste online-winkeliers, in zijn boek dat opvallend genoeg ‘Het einde van online winkelen’ heet. Jongen introduceert de term ‘onlife’, waarbij het onderscheid tussen online en offline totaal vervaagd is. Mensen zijn permanent online en leven daardoor anders. ‘Dat heeft gevolgen voor hoe we shoppen’. Zo liggen bedrijven als Apple, Google en Amazon nu al ‘mijlenver voor op de traditionele retailers’ en zijn ze op steeds meer terreinen actief. Jongen ziet een economie waarbij ‘winner takes all’.

Driekwart internetgebruik in 2017 via mobiel of tablet

In 2017 zal driekwart van al het internetgebruik mobiel plaatsvinden, via smartphone dan wel tablet. Volgens mediabureau Zenith steeg het mobiele gebruik de afgelopen jaren al van 49% in 2012 naar 68% in 2016. Eind 2018 zal naar schatting 80% van het internetgebruik mobiel zijn. Spanje, Hong Kong, China en de VS zijn de meest ‘mobiele’ landen.

Engeland: Agenten geschorst na YouTube-filmpje

De korpsleiding van de Metropolitan Police heeft twee officers geschorst nadat een YouTube-filmpje opdook waarop de twee de ruiten van een auto inslaan. In de auto zit de filmende automobilist die ze houden voor een ander. Een agent schreeuwt dat de man moet uitstappen maar als die blijft zitten, begint de agent de ruiten in te slaan. ‘You are not allowed to drive’. De filmer roept dat hij gewoon zijn rijbewijs heeft, dat de auto verzekerd is maar de agent ramt gewoon door, eerst op de raampjes in de deur, daarna op de voorruit. Later blijkt dat het allemaal om de verkeerde persoon gaat. Maar het filmpje was al viraal gegaan, honderdduizenden keren bekeken en becommentarieerd. Vooral daardoor, zo lijkt het, startte de korpsleiding direct een onderzoek naar het gedrag van de agenten.

Nederlanders topscoorder op social media

Dat Nederlanders massaal actief zijn op sociale media, valt elke dag te zien. Meer dan 72% van alle Nederlandse internetgebruikers (=62% van alle Nederlanders) is actief  op facebook, twitter, Instagram, Snapchat of een ander medium – koploper in Europa! Ook Italië, Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk scoren hoog, rond de 70%. Opvallend is echter dat met name Duitsland en Frankrijk achterblijven, met resp 57% en 56%. Onderzoekers van eMarketer wijten dat aan taalbarrières en het ontbreken van bekende landgenoten.

Online is “dé plek om online paniek te bezweren”

‘Airport Panics Will Keep Happening’. En ‘the place’ om die paniek te bezweren, is internet. Dat schrijft Wired
in een mooi verhaal over de rol die ‘online’ hoort te spelen als er ergens in de openbare ruimte paniek uitbreekt, naar aanleiding van een geruchten over een shooter op JFK Airport in Los Angeles. Daar begon net – zoals zo vaak – met een paar tweets, over een ‘JFK Shooter’. Die werden al snel trending, met alle gevolgen van dien. Waar de een al riep over doden en ontploffingen, twitterde de ander dat zelfs de aanwezigheid van een man met geweer nog niet eens bevestigd was. Maar de paniek was groot: mensen lieten bagage achter en renden weg, auto’s stonden verlaten op de aanrijroutes, vliegtuigen bleven aan de grond en overal verschenen politieagenten. Maar die wisten niks, die zeiden niks én die twitterden niks. Terwijl twitter, facebook, Instagram en al die andere sociale media volstroomden met foto’s en videos, met ooggetuigeverslagen, met angsttweets. Niks aan te doen? Jazeker wel, zegt onder meer Joshua Marks van luchtvaartadviseur Global Eagle. Luchthavenautoriteiten, politie en overheden kunnen wel degelijk iets met deze ‘socially driven panic’, namelijk proberen de regie te pakken in al die uitingen van burgers. Bij sociale media, stelt Marks, zijn er geen auteurs – eigenlijk is iedereen auteur, maar niemand bezit de autoriteit om naar te luisteren. Terwijl degenen die dat wel hebben, zwijgen – of althans niets zeggen op die sociale media. Terwijl: als er online paniek uitbreekt, moet je die online tegengaan. Makkelijk is dat niet, geeft Marks toe, en het blijft zoeken naar de juiste manier en toon. Maar niks doen, dat kan echt niet meer.

“Gemeenten te laks bij online misdaad”

Veel gemeenten in Nederland hebben geen idee wat ze op internet kunnen doen als inwoners zich schuldig maken aan online misdaad, opruiing en belediging. Waar de samenleving steeds digitaler wordt, gaan gemeenten daar niet in mee, schrijven de onderzoekers Sander Veenstra en Wouter Stol van het lectoraat Cybersafety van NHL hogeschool. Stol spreekt van een ‘blinde vlek voor wat er online gebeurt en wat ze daar aan kunnen doen’. Met het gevaar dat dat ze zichzelf als veiligheidspartner ‘uiteindelijk overbodig maken’. Ze snappen nog maar weinig van hun ‘online gereedschapskist’, denken alleen in fysieke grenzen en te weinig aan hun online mogelijkheden. De onderzoekers willen dat burgemeesters hun bevoegdheden ook online gaan inzetten, om te voorkomen dat ‘een steeds groter wordende vorm van criminaliteit gewoon voortbestaat.’ Voorbeelden zijn het uit de lucht halen van websites of het opleggen van een verbod om een bepaalde website te bezoeken. ‘Dat is helemaal niet moeilijk te handhaven’, aldus Stol die vreest dat het ‘blijkbaar eerst moet misgaan’, zoals met Project-X in Haren. De onderzoekers vinden dat OM en politie al wél offensief bezig zijn met online criminaliteit.

Politie verbaasd over omstanders: “Filmen en niet bellen”

De politie Amsterdam uit op facebook haar ongeloof over het gedrag van omstanders bij een incident op de Groenburgwal. Daar zat een verward meisje, rillend van de kou, op de grond. Niemand hielp het meisje, ze waren allemaal te druk met filmen. ‘Omstanders vonden dit wel grappig om op youtube te plaatsen. Toch was er gelukkig een omstander die dit niet normaal vond en hier wél een melding van heeft gemaakt’. Het meisje bleek te zijn weggelopen uit een psychiatrische instelling en zou zeker een uur langs de gracht hebben gelegen. Ze is overgedragen aan de crisisdienst.
De reacties op het facebookbericht van de politie laten zich raden. Waar de een ‘schande’ roept, zich afvraagt hoe de wereld zo lomp, onpersoonlijk en a-sociaal geworden is en dat de filmers allemaal ‘lafbekken’ zijn, zegt de ander nuchter ‘welkom in 2016’. Tja. Filmen is gewoon de tijdgeest, zegt Jan van Dijk, hoogleraar nieuwe media in Twente, in Het Parool. ‘We zijn steeds meer toeschouwer in plaats van onderdeel van een gebeurtenis. Het beeld is soms belangrijker dan de werkelijkheid die wordt gefilmd’. Neurowetenschapper Ruud Hortensius wijst op het omstandereffect, waarbij de kans op ingrijpen of helpen kleiner wordt naarmate de groep groter is. Mensen maken volgens hem op zulke momenten geen bewuste keuze. Filmen zou wel eens een automatisme kunnen zijn, ‘zoals je je telefoon pakt tijdens een verjaardag’. Van Dijk denkt dat filmen ook gebeurt om later te kunnen zeggen dat je er als eerste bij was. De experts wijzen ook op de kánsen die filmers bieden: het beeld kan als bewijs dienen, tijdens een misdrijf zelfs afschrikkend werken, en ook voor brandweer en ambu-zorg een heel goed hulpmiddel zijn.

Helft van online aankopen via mobiel

Van alle online aankopen die ‘millenials’ doen, wordt inmiddels meer dan de helft met een smartphone of tablet gedaan. Onderzoekers van IMRG vonden dat 18% van de aankopen via een mobieltje werd gedaan, 33% via een tablet en 49% via desk- of laptop. De telefoon wordt verder veel gebruikt om spullen te zoeken – even snel kijken of het wel wat is, die aanbieding. Vier op de vijf gebruikers klikt, blijkt uit hetzelfde onderzoek, op een advertentie.

Internetoperator niet verantwoordelijk voor kwetsende uitspraken

Het Europees Hof voor de Mensenrechten in Straatsburg heeft in een interessante uitspraak gesteld dat een operator of beheerder van een internetforum niet aansprakelijk kan zijn voor kwetsende of grove commentaren op dat forum. Tenminste, zolang die commentaren geen haatboodschappen bevatten of oproepen tot geweld. De zaak betreft een geschil in Hongarije: twee websites werden door een Hongaarse rechtbank verantwoordelijk gehouden voor uitspraken op de sites. Enkele ‘manifeste uitdrukkingen van haat’ en ‘flagrante bedreigingen’ hadden door de operators verwijderd moeten worden. De beheerders van de sites tekenden beroep aan. Het Hof in Straatsburg stelt nu dat de comments ‘wel degelijk kwetsend en zelfs grof’ waren maar dat het niet om ongeoorloofde uitspraken ging maar om de ‘uitdrukking van waardeoordelen of meningen’. Het Hof wees onder meer op de interne procedures op de fora; wie het niet eens was met een bepaald commentaar kon dat aangeven (net als bij facebook) en bovendien is er nog zoiets als vrijheid van meningsuiting.

Belgisch pleidooi voor internetbewijs

In België wil het Centrum voor Cybersecurity een internetbewijs gaan invoeren voor iedereen die online wil. Voornaamste reden: de gevaren van internet zijn onvoldoende bekend. Volgens directeur Miguel De Bruycker van het CCB zijn we meer en meer afhankelijk van internet en weten veel mensen nauwelijks welke risico’s ze online lopen. Het CCB stelt daarom een basisopleiding Hoe veilig gebruikmaken van internet voor, met een certificaat of internetbewijs als afsluiting. De opleiding zal vooral gericht zijn op jongeren. Vreemd wellicht, deze generatie is ‘digitaal geboren’ maar volgens De Bruycker juist daarom niet bewust van ‘het feit dat internet niet alleen draait om vrienden maken’ en dat bijvoorbeeld privégegevens veelvuldig gedeeld worden. Ook bedrijven kunnen volgens hem nog wel ‘internetles’ gebruiken. Het CCB gaat met scholen en universiteiten overleggen over de uitvoering van de plannen.

Europees Hof: Bedrijven mogen privémail controleren

In een opmerkelijke uitspraak heeft het Europese Hof voor de Mensenrechten bepaald dat werkgevers álle communicatie op smartphones en computers van werknemers mogen inzien. De zaak was aangespannen door een Roemeen die ontslagen was omdat hij onder werktijd met iedereen aan het appen was via zijn zakelijke account op Yahoo Messenger. De werkgever wilde wel eens zien wat de man allemaal aan het doen was. De man vocht zijn ontslag aan, privacy en zo, maar het Hof in Straatsburg stelde de werkgever in het gelijk. Volgens het vonnis is ‘niet onredelijk als een werkgever wil controleren of een werknemer onder werktijd alleen met werk bezig is’.