Meisje spoorloos na fatale sexting

Het 15-jarige meisje uit Eefde die al ruim twee weken spoorloos is, blijkt een van de drie meisjes te zijn die februari jl een naaktfoto verstuurde van Onur, een 14-jarige jongen uit Enschede. Deze jongen sprong, toen hij ontdekte dat de foto de hele school was doorgegaan, van het dak van een flat. Het OM besloot onlangs de zaak tegen de drie meisjes voorwaardelijk te seponeren. De advocaat van Onurs familie, die al eerder pleitte voor vervolging van de drie voor ‘aanzetten tot zelfdoding’, wil nu dat het vermiste meisje alsnog vervolgd wordt, voor het onttrekken aan toezicht. Volgens het OM is dat op dit moment nog een aanname. Het meisje liep enkele maanden ook al weg uit de gesloten woongroep waar ze verblijft. Ze staat nu op de vermistenlijst van de politie, haar signalement en foto zijn verspreid.

Advertenties

Moet Facebook zich wel met vermissingen bemoeien?

Een actuele vraag, niet alleen door de zaak-Anne Faber, gaat over de rol van facebook bij vermissingen. Die vraag is legitiem als er, behalve agenten, ME’ers en speurhonden, ook duizenden gewone Nederlanders aan het zoeken zijn. En massaal ‘meedenken’. Onderzoeker Tjerk Timan (Universiteit Tilburg) spreekt van ‘een overweldigende betrokkenheid’ maar vraagt zich ook af wat we opschieten met ‘die goedbedoelde shares en comments’. In de zaak-Anne werd de selfie die ze tijdens haar fietstocht maakte, bijna 150 duizend keer gedeeld. En was het merendeel van de 17 duizend comments vooral een steunbetuiging, duizenden andere reacties bevatten tips, vragen, suggesties, complottheorieën en (al dan niet vage) beschuldigingen. Zo ging er al snel een foto van een Braziliaans meisje rond en moesten politie én familie alle zeilen bijzetten om te verklaren dat het meisje niet Anne was. Maar om nu het opsporingsteam, van oudsher agenten en rechercheurs, uit te breiden met ‘een leger van facebookers die graag hun steentje bijdragen’, heeft ook ‘zorgelijke kanten’, zegt Timan. Bijvoorbeeld: wat levert het allemaal op? ‘Al die reacties en shares kunnen juist leiden tot nieuwe ruis in een lopend onderzoek’. Welke informatie is juist, welke (bewust) fout? Wat moet je met een tweet van iemand die zegt dat hij weet waar Anne is? Het napluizen van al die tips vergt immers ook (veel) capaciteit en tijd – ‘die bij vermissingen al zo kostbaar is’. Een andere vraag is of op facebook wel de juiste personen bereikt worden. ‘Als iemand in Zuid-Limburg van de vermissing afweet, is de kans heel klein dat dat iets oplevert’. Timan wijst ook op het gevaar dat internetbedrijven als Google, Twitter en Facebook een steeds grotere rol krijgen bij het uitvoeren van politietaken. Hij vindt dat zorgelijk: die bedrijven hebben een commercieel belang, ze willen winst maken. Nu willen ze nog wel meewerken met politieonderzoeken maar over vijf jaar? ‘Straks bellen we een WhatsApp-lijn in plaats van 112 en rijden er Google-ambulances rond’. Daarom moeten we de enorme online betrokkenheid bij vermissingszaken [..] niet kritiekloos toejuichen. Timan: ‘Sociale media kunnen een toevoeging zijn op bestaande middelen, maar het is echt een ander beestje. Er zijn nog veel grijze gebieden. En binnen die grijze gebieden is er nog veel onduidelijkheid over wat kan en wat mag’.

“Die app past ons allemaal”

Het is niet bekend hoeveel apps er momenteel bij/in/door/binnen/voor de politie worden ontwikkeld maar het zijn er heel veel. Drie daarvan komen aan bod in De Volkskrant: de Samen Zoeken-app (bij vermissingen), Autémon (burgers speuren naar gestolen auto’s) en de Inbraak-app (burgers doen zelf buurtonderzoek). Alle drie zijn ze er op gericht om de burgers meer te laten helpen bij opsporingswerk. Anders gezegd: een beroep te doen op ‘burgerdetectives’. Dat is niet uit luiheid, zegt Hans Schönfeld, hoofd innovatie van de NP, maar om de politie ‘toekomstbestendig’ te maken. ‘Wij komen gewoonweg niet aan alles toe’. In de apps worden echter nog wel eens spelelementen ingebouwd en dat roept direct de vraag is of dat niet te ver gaat, aldus het artikel. Zo kunnen bij Autémon, een soort Pokémon-voor-gestolen-auto’s, kunnen burgers punten verdienen, bij Samen Zoeken zijn zelfs prijzen te winnen. Privacyexpert Bart van der Sloot (Universiteit Leiden) vindt dat onethisch. ‘Door er een spelletje van te maken nodig je mensen uit politieagentje te spelen. Dan loop je het risico dat ze te ver gaan´. Wat Van der Sloot betreft moeten de apps vooral heel duidelijk zijn: waar eindigt de opsporing? ‘Dat iemand niet voor eigen rechter gaat spelen als hij dankzij de Autémon niet alleen de gestolen auto aantreft, maar ook de chauffeur’. De apps doen ‘geen recht aan de ernst van het opsporingswerk’. Het machtsmonopolie ligt immers bij de politie en die draagt dit nu deels over aan de burger, in spelvorm bovendien. Ook Bas Filippini, voorzitter van Privacy First, wijst op de risico´s van ‘spionnetje spelen’ en de ‘sensatiegevoeligheid’ van de apps. Volgens Schönfeld worden de apps niet op de markt gebracht als ze problemen oproepen ‘en niet oplossen’.

“Leger meezoekers” helpt de politie

Niet alleen bij de verdwijning van Anne Faber, maar ook bij andere vermissingen, zijn er steeds meer mensen die actief meedenken met de politie. Niet alleen in bos of weide, maar vooral online. ‘Er is een leger van zelfverklaarde meezoekers ontstaan met een mix van meelevendheid en sensatiezucht’, zegt zoek-expert Henk van Ess. Daaronder zitten waarzeggers, paragnosten en koffiedikkijkers, maar ook mensen die de juiste vaardigheden hebben. Soms met vervelende gevolgen, zoals de student uit Zevenbergen merkte toen hij, in zijn terroristen-jacht, chatte met een geheim agent. Hoe dan ook, Van Ess ziet dat burgers vaak iets kunnen bijdragen aan speurtochten omdat ze meer armslag hebben. ‘De politie zit in een keurslijf. Ze mogen bijvoorbeeld wel een Facebook-profiel bezoeken, maar na een paar keer wordt het gezien als stelselmatig volgen. En dat mag niet zomaar’.

Verdween au-pair na Tinder-date?

In de zaak van de vermiste au-pair Anjelie Basco (22, uit Loenen aan de Vecht) wordt vooral ingezoomd op haar gebruik van internet, sociale media en enkele apps. Basco, afkomstig uit de Filipijnen, wordt al twee weken vermist. Ze werd voor het laatst gezien toen ze voor een Tinder-afspraak naar Amsterdam reisde. Daar had ze via Whatsapp nog contact met vriendinnen. Enkele dagen later werden die vriendinnen op facebook geblokkeerd, en een week na haar verdwijning werd er ingelogd vanuit Frankrijk. De politie zegt alle mogelijkheden te onderzoeken.

Frankrijk: Onbekende probeert te verdienen aan verdwenen meisje

Terwijl heel Frankrijk al bijna een maand zoekt naar het verdwenen meisje Maëlys, probeert op facebook een onbekende daarmee geld te verdienen. Het 9-meisje verdween eind augustus op een trouwfeest. Maar sinds een week is op facebook ene ‘Yveline’ actief, die zich uitgeeft voor de moeder van het meisje en mails stuurt aan mensen die de zoekactie naar Maëlys hebben gesteund. ‘Ik wil je bedanken voor je medeleven maar ook een financieel duwtje in de rug zou welkom zijn’, schrijft de onbekende. ‘Het maakt niet uit hoeveel het is. We hebben er echt nood aan om het onderzoek uit te breiden naar heel Frankrijk’. Een van de ontvangers van de mail noemt de fraudepoging ‘misselijkmakend’. Hij deed aangifte maar de politie zegt nog niet te hebben achterhaald wie de onbekende is.

Vermist Amerikaans meisje herenigd met moeder na Facebook-avontuur

De weggelopen Maggie Lee (16, uit Clarksville, Tennessee) is weer terug bij haar moeder. Maggie was begin april in de VS op het vliegtuig naar Nederland gestapt voor een date met iemand die ze op facebook had ontmoet. Haar moeder sloeg alarm en vrij snel bleek dat Maggie in Nederland bij drie ‘internet-vrienden’ heeft gelogeerd. Toen de politie werd getipt dat ze onderweg was naar Zwolle werd ze daar uit de trein gehaald. Ze is aangehouden omdat ze reisde op een id-bewijs van jaar 14-jarige zusje. Moeder Sabrina denkt dat haar dochter verliefd is geworden ‘en dat als ze hier zou zijn, dat ze in een soort paradijs terecht zou komen en niet meer naar school zou hoeven’. De politie sprak al met de drie jongens die vrijwillig naar het politiebureau stapten. Volgens een politiewoordvoerder is ze ‘overal waar ze is geweest, op vrijwillige basis geweest’. Maggie probeerde februari jl ook al naar Amsterdam te vliegen, ze werd toen tegengehouden op het vliegveld van Nashville.

Publiciteit bij vermissing: een zegen én een vloek

Bij vermissingen is het ‘een duivels dilemma’: zoekt de politie wel of niet de publiciteit in de (sociale) media? ‘Foto’s en verhalen verdwijnen nooit van internet, ze blijven je achtervolgen en kunnen flinke schade berokkenen’, zegt Dianne Prinse, speciale vermiste personen bij de politie Zeeland-West-Brabant. ‘Een bedrijf hoeft bij een sollicitatie je naam maar te googelen’. Prinse reageert op de zaak van de 16-jarige Sam en Femke die vorige week in Eindhoven op het vliegtuig stapten en dit weekend in Portugal zijn teruggevonden. In die zaak hadden de ouders van de meiden zelf al foto’s gepubliceerd; bij volwassen vermisten is dat niet altijd even logisch. De politie wijst daarom altijd ‘nadrukkelijk’ op de mogelijke gevolgen. ‘We publiceren ook nooit foto’s zonder toestemming van de familie’, aldus Prinse. Wordt iemand teruggevonden dan verdwijnt de info van Politie.nl maar ook dat is geen garantie voor privacy. Opsporingsberichten verschijnen immers op nieuwssites en worden op sociale media soms tienduizenden keren gedeeld. ‘Ze zwerven rond’, waardoor publiciteit als opsporingsmiddel zowel een zegen als een vloek kan zijn.

Verdwenen kinderen en sociale media: “bezint voor u deelt”

In België heeft een opsporingsbericht voor een vermist jongetje van 4 −meer dan tweehonderdduizend keer gedeeld—voor veel gedoe gezorgd. Want van een vermissing bleek geen sprake. Het joch werd ‘gebruikt’ in de vechtscheiding tussen de ouders. Toen de moeder het kind niet terugbracht bij de vader, stapte deze laatste naar de politie. Hoewel politie én kinderbelangenorganisatie Child Focus de vader adviseerden zelf geen actie te ondernemen, zette de vader toch een oproep op facebook. Dat bericht ging natuurlijk razendsnel viraal. Child Focus roept nu op het bericht te verwijderen – het handelt hier om een ‘familievete’ en het jochie is vermist. Naar aanleiding van het voorval geeft woordvoerder Dirk Depover van Child Focus tips. Hij benadrukt dat van de 1500 verdwijningen die jaarlijks in België voorkomen, er slechts vijftig zijn waarbij een opsporingsbericht via de (sociale) media ‘enig nut kan hebben’. Volgens Depover zien veel mensen zo’n opsporingsbericht (op facebook vooral) als ‘een soort magische tool die op zichzelf werkt’. Niets is minder waar, blijkt echter keer op keer. Er zitten veel risico’s aan: ongewenste en/of lasterlijke commentaren, gebaseerd op vooroordelen of emoties bijvoorbeeld. Maar ook de kans dat waardevolle getuigenissen verloren gaan in de enorme lawine aan reacties. Dat ‘we’ toch met z’n al die berichten delen, komt door de emoties bij vermissingen, zegt Depover. ‘Je moet al bijna een onmens zijn om daar niet door te worden aangesproken. Zeker in combinatie met het feit dat het ons erg weinig moeite kost om zo’n bericht via onze eigen sociale platformen te delen, maakt dat we het snel doen’.

Vermiste man via Facebook weer in contact met familie

De man die stat afgebeeld op een facebookfoto die door een Braziliaanse priester werd gepost, blijkt de vermiste Jeroen Nijs (32, uit Belfeld). Nijs, in 2012 verdwenen toen hij zijn auto verkocht in Eindhoven, zwierf al jaren rond in Brazilië, sinds het WK2012 om precies te zijn. Toen priester Valdir Lima hem aantrof in de straten van Rio de Janeiro maakte hij een foto van de ‘Dutch Young Man’ en zette die op facebook. ‘Deze jongeman leeft op straat. Kan iemand hem overhalen om terug te keren naar Nederland?’ De foto leverde snel resultaat. Nijs werd herkend door familie en vrienden. Volgens Lima wilde Nijs niet meer naar Nederland omdat ‘zijn familie niet meer op hem zou zitten te wachten’. De familie heeft inmiddels contact met Lima. Onduidelijk is wat Nijs daarvan vindt. De politie zegt de zaak te kennen. Omdat Nijs vrijwillig vertrok, werd geen opsporingsonderzoek gestart.

Hoe gebruik je sociale media bij vermissingen?

Criminologie-studente Wieke de Zwart presenteerde vorige week haar onderzoek naar het gebruik van sociale media bij vermissingen van personen. Die sociale media blijken, niet verrassend, ‘goede middelen’ te zijn om een persoon te helpen vinden; de berichten geven steun aan de achterblijver én aan de vermiste. De Zwart onderzocht, in opdracht van adviesbureau VDMMP en Stichting ZoekJeMee, twintig zaken. In zestien daarvan waren sociale media doorslaggevend in het terugvinden. Maar er zijn ook keerzijden: de privacy van de vermiste wordt vaak geschonden en er wordt soms zeer persoonlijke informatie gedeeld. Terwijl je voor het terugvinden van iemand alleen maar hoeft te weten hoe diegene eruit ziet. ‘Niet waar die woont of werkt of dat hij “in verwarde toestand” is vertrokken’, waarschuwt VDMMP-adviseur Roy Johannink. VDMMP en ZoekJeMee stelden daarom aan de hand van de scriptie een lijst met aandachtspunten op.

Franse politie zoekt vermiste jongen die alleen op Facebook bestond

De politie in Moulins, Frankrijk heeft een week lang gezocht naar Chayson Basinio, een vermist jongetje van twee jaar oud. Een tante van het joch had zijn verdwijning gemeld. Rechercheurs gingen aan de slag, er werd zelfs gedregd in een nabijgelegen meer. Toen agenten de vrouw gingen melden dat ze niks konden vinden, ontdekten ze tegenstrijdigheden in haar verhaal. Het kind bleek inderdaad niet te bestaan, hoewel: er was wél een facebookaccount van het joch. Ook de ouders van Chayson bleken alleen op facebook te bestaan, de accounts waren opgezet door een dochter van de vrouw, met wat knip- en plakwerk. De tante is opgepakt op verdenking van het verzinnen van een misdaad. Ze kan bestraft worden met zes maanden celstraf en 7,5 duizend euro boete. Volgens openbaar aanklager Eric Mazaud is een motief nog onduidelijk.

‘Ontvoerd’ meisje heeft tijd van haar leven

Houd op met die verhalen over een ontvoering, schrijft Laureelen, een meisje van 15 uit Frankrijk dat samen met haar muziekleraar (48) in Amsterdam verblijft. Ze is niet ontvoerd. Sterker nog: ze beleeft ‘de mooiste dagen van haar leven’. Terwijl een Frans politieteam haar vermissing onderzoekt, komt het meisje regelmatig online op facebook. Volgens agenten heeft ze nog contact met haar vader. Laureelen kwam vorige week niet thuis van school, een dag later lag er een brief van muziekleraar Christophe in de bus. Daarin schrijft de man dat hij ‘een rotleven’ heeft, dat hij Laureelen heeft meegenomen naar Amsterdam om daar ‘de bloemetjes buiten te zetten en daarna zelfmoord te plegen’.

‘Vermissing vaak te snel gemeld’

De politie Oost-Nederland vindt dat ouders te snel op sociale media melding maken van een vermissing als hun kind niet huis is gekomen. ‘Ze slaan dan via facebook en twitter alarm maar vaak is dat loos alarm’, aldus de politie. Niet nodig: in de meeste gevallen is de vermiste snel weer terug en bovendien worden persoonlijke gegevens overal onnodig gepubliceerd. In de provincie Gelderland worden maandelijks zeshonderd mensen vermist, vooral tieners die thuis ruzie hadden en vaak weer snel terug zijn. De politie adviseert eerst aangifte te doen en sociale media alleen als alarmering te gebruiken als er echt signalen zijn dat er iets ernstigs aan de hand is.

Gegevens vermiste blijven lang vindbaar op internet

Toen politiewoordvoerder Alwin Don uit Zeeland twitterde dat er contact was geweest met een vermiste man uit Kruiningen – ‘Uitkijken naar hem is niet meer nodig’- wist iedereen al lang om wie het ging. De politie had de avond ervoor al meerdere tweets verstuurd met informatie over zijn auto en kenteken, zijn leeftijd, schoeisel (klompen!) en kleding (spijkerbroek met gat in de knie). De Provinciale Zeeuwse Courant (editie van 19 april 2013) vroeg zich vervolgens af hoe het zit met de privacy van de vermiste. Daarbij moet volgens Merel Eilander van het College Bescherming Persoonsgegevens altijd ‘een zorgvuldige afweging’ gemaakt worden tussen het belang dat iemand gevonden wordt en de privacy. ‘De politie moet dat zelf beslissen’. Het probleem is, zegt Don, dat de privacyvraag alleen achteraf gesteld kan worden, als de persoon weer terug is. Volgens Don waarderen mensen dat de politie ‘alles inzet om hun familie terug te krijgen’. Maar voor het weghalen van informatie over vermisten is eigenlijk geen beleid. En dus is nog steeds van alles te vinden over een man uit Nieuw-Vossemeer die in ‘overspannen toestand’ verdween. Ook al werd hij dezelfde dag nog gevonden, bleef de informatie, inclusief het kenteken van zijn auto, online staan. Namen van vermisten worden overigens sinds een jaar niet meer gemeld, zegt Don. Bij jongeren ligt het nog weer anders, dat wordt landelijk gecoördineerd. Ook hier wordt echter nauwelijks iets weggehaald zodat de foto van een meisje dat in februari jl wegliep, nog steeds te vinden is. Soms wordt ook volop gespeculeerd over de vermissing. Een Zeeuw die vorig jaar een paar dagen weg was, vond de wildste geruchten op facebook en twitter, tot afscheidsbrieven aan toen. Aan de andere kant: als de politie geen namen vermeld, zijn er altijd wel familieleden die dat wel doen.